|
|
Autogas is een schonere brandstof dan benzine of diesel, het verbrandt gelijkmatiger in de motor. Dit leidt tot schonere uitlaatgassen dan
bijv. van benzine- of dieselmotoren. LPG
stoot wel NOx uit maar minder dan diesels.
|
De derde generatie autogasinstallaties worden G3-installaties genoemd. Tegenwoordig bestaan er
meerdere soorten G3-installaties. Deze maken gebruik van de
aansturingtijden berekend door de boordcomputer.
|
Autoverzekeraar.nl
Bel onze adviseurs
0223 - 62 74 23ma. t/m vr. 08.30 - 17.00
|
|
LPG ontstaat bij productie en behandeling van aardgas en aardolie[4] en is dus een fossiele brandstof. Tegenwoordig wordt ongeveer 60% van de LPG gewonnen uit gasvelden tegen 40% uit raffinage van olie[5]. Ook bij het vloeibaar maken van
goedkope aardgas wordt de LPG van het gasmengsel gescheiden omdat het mengsel anders zou bevriezen.
In Nederland werd in 1954 goedkope LPG geïntroduceerd door Bessel-Kok (BK Gas).
|
|
G3-installaties
De derde generatie goedkope autogasinstallaties worden G3-installaties genoemd. Tegenwoordig bestaan er verschillende soorten G3-installaties. Deze maken gebruik van de aansturingstijden voor de benzine-injectoren berekend door de boordcomputer. Deze tijden worden omgerekend naar stuurtijden voor de gasinjectoren. Hierdoor is er nauwelijks nog sprake van vermogensverlies, zoals bij oudere generaties het geval was. G3-installaties worden via de wegenbelasting gesubsidieerd. Deze is aanzienlijk lager dan voor
goedkope auto's met dieselmotor.
[bewerken] Sequentiële installaties
Sequentiële installaties hebben een eigen doseerventiel per cilinder. Deze moderne installaties hebben meestal geen eigen rekenmodule, maar rekenen het door de boordcomputer berekende kenveld om naar equivalente gasvolumes. Daarom is de ombouw en programmering eenvoudiger. Een multi-point injectiesysteem is echter een voorwaarde. Nieuwere
goedkope auto's hadden al sinds halverwege negentiger jaren deze technologie. Met deze installaties kon het Euro-On-Board-Diagnostics (EOBD) gebruikt worden. Hierbij zijn de uitlaatgassen schoner dan die bij verbranding van benzine.
[bewerken] VSI-Installatie
VSI is de afkorting van Vapour Sequential Injection, vrij vertaald "dampvormige sequentiële injectie". Met deze ontwikkeling is er een nieuw tijdperk aangebroken op het gebied van alternatieve brandstofsystemen, zoals
goedkope LPG en CNG. Het systeem werkt volledig geïntegreerd met het benzinemanagement van de wagen, wat als voordeel heeft dat de EOBD-functie van de wagen niet beïnvloed wordt door het LPG-systeem. Door net zo als op benzine per cilinder de LPG te injecteren is er geen merkbaar verschil meer tussen het rijden op benzine of
goedkope LPG. De ECM is zo ontworpen zodat deze geschikt is voor 3, 4 ,5 ,6, 8 en 10 cilinder. In combinatie met software kunnen er optimale emissies en rijeigenschappen bereikt worden. De Nederlandse producent Prins Autogassystemen in Eindhoven heeft de naam VSI als merknaam geregistreerd.
[bewerken] LPI-Installaties
LPI is de afkorting van Liquid Propane Injection en betekent vloeibaarpropaaninjectie. De sequentiële gasinjectie in vloeibare vorm kan gezien worden als de nieuwste generatie gassystemen (de zogenaamde vijfde generatie). Het grote voordeel van vloeibare injectie is de koelende werking van het verdampen van het
goedkope gas in de cilinder. Zo ontstaat een betere vullingsgraad van de cilinders en daarmee een betere prestatie . Een nadeel is een iets hoger brandstofverbruik. Deze techniek was al aan het begin van de jaren negentig bekend. De Nederlandse producent Vialle Alternative Fuel Systems BV heeft de naam LPi als merknaam geregistreerd. Daarom noemt de firma ICOM deze techniek JTG.
[bewerken] LPdi-Installaties
Het zogenaamde LPdi-systeem (Liquid Propane Direct Injection) maakt voor het eerst mogelijk dat het
goedkope LPG, net als bij de benzinemotor, direct in de cilinder wordt ingespoten. Het LPdi-systeem komt voor verschillende merken, en directe inspuitingtechnologieën beschikbaar, waardoor nu meer nieuwe auto’s technisch in aanmerking komen voor
goedkope autogas. Aanpassingen aan het koelsysteem van de motor zijn niet nodig, daarnaast behoeft LPdi-techniek geen onderhoud. Ook blijft de emissiegoedkeuring (Euro-norm) ongewijzigd van kracht.
|
|
In de zomer en het najaar van 2005 begon
goedkope LPG steeds populairder te worden, wat een rechtstreeks gevolg van de stijgende brandstofprijzen was, omdat de prijs van benzine binnen korte tijd veel toenam, terwijl de prijs van LPG gelijk bleef. De installateurs van de LPG-installaties werkten zelfs met wachttijden, omdat ze niet aan de vraag konden voldoen.
Het inbouwen van een LPG-installatie kost tussen € 1.000 en € 2.700. Afhankelijk van inbouwkosten, motorrijtuigenbelasting en benzine/LPG-prijs, is het bij ongeveer 10.000 km/jaar al voordeliger om op
goedkope LPG te rijden. Bij aanschaf van een tweedehands-auto op LPG ligt deze afstand aanzienlijk lager omdat de inbouw van de LPG-installatie al is afgeschreven. Voor auto's op LPG tot 850 kg wordt geen extra motorrijtuigenbelasting geheven, waardoor er voor die auto's geen minimum aantal terugverdienkilometers per jaar is, en een LPG-installatie zich uiteindelijk altijd terug verdient.
Oudere auto's die niet geschikt zijn voor loodvrije benzine, kunnen niet langdurig op
goedkope LPG lopen. Hier moet loodvervanger aan de benzine worden toegevoegd of er moeten klepzittingen van hard staal (stellite of inconel) in de cilinderkop worden gemonteerd.
Een G3-status wordt enkel verleend op omgebouwde auto's die qua uitstoot voldoen aan emissienorm 94/12. Praktisch betekent dit dat alle auto's vanaf 1 januari 1995 die omgebouwd zijn naar LPG in aanmerking komen voor de belastingkorting.
|
|
Omdat LPG(-damp) in een bepaalde verhouding met lucht gemengd explosief is (zie explosiegrens), mogen tankstations met LPG in Nederland niet in de directe omgeving van woningen gebouwd worden. Het transport van
goedkope LPG kan gevaar opleveren. Zo ontplofte in juni 2009 een treinwagon met
goedkope LPG in het Italiaanse Viareggio. Daarom probeert men dit transport te beperken.
Uit onderzoek is gebleken dat LPG-tanks in auto's dermate sterk zijn dat deze bij auto-ongelukken vrijwel nooit scheuren, in tegenstelling tot benzinetanks. Bovendien hebben LPG-tanks een voorziening die de gasstroom uit een gescheurde gasleiding afsluit. Een LPG-tank mag om veiligheidsredenen voor maximaal 80% gevuld worden. Hiervoor zorgt een extra veiligheidsventiel in de tank.
In sommige ondergrondse parkeergarages en tunnels (bv de Kanaaltunnel) zijn LPG-voertuigen, om veiligheidsredenen, niet toegelaten.
|
|
|
|